Advies 310: RAW OMOP bestek – bevoegdheid van de aanbesteder om vragen over een niet-winnende inschrijving te stellen?

(22 juli 2016)
Publicatiedatum: 
maandag, 20 februari 2017

Niet-openbare Europese aanbesteding van een OMOP op basis van de RAW 2010 Standaard voor asbestsanering van een woonwijk.

Aan klager, die niet de economisch meest voordelige inschrijving heeft gedaan, wordt door beklaagde een toelichting gevraagd bij een aantal besteksposten, onder meer omdat door beklaagde gesteld wordt dat die opvallend laag zouden zijn. Klager weigert op de meeste vragen antwoord te geven omdat die vragen volgens artikel 01.01.04 RAW Standaard 2010 alleen aan de winnende inschrijver gesteld mogen worden. Klager heeft hierover klachten ingediend bij het klachtenmeldpunt van beklaagde, waarna haar inschrijving ongeldig is verklaard.

De Commissie is van oordeel dat beklaagde met haar verzoek buiten de kaders van haar algemene bevoegdheid op grond van artikel 2.55 Aw 2012 en art. 3.26 ARW 2012 is getreden, gelet op het arrest HvJ EU 29 maart 2012, C-599/10 (SAG), rov. 44. Ook op grond van de aanbestedingsstukken had beklaagde niet de bevoegdheid de gewraakte vragen te stellen. Deze bevatten geen verplichting voor de inschrijvers om informatie te verstrekken waarmee de eventueel door hen aangeboden relatief lage uitvoeringskosten, algemene kosten, winst en risico in combinatie met aangeboden kortingen worden verklaard. Ook aan artikelen 2.116 Aw 2012, 3.27 ARW 2012 en 01.01.04 RAW 2010 kon beklaagde niet de bevoegdheid ontlenen om de gewraakte vragen te stellen.

Ook de klacht over het ten onrechte ongeldig verklaren van de inschrijving van klager wordt door de Commissie gegrond verklaard. Beklaagde kon die ongeldigheid immers niet baseren op de (terechte) weigering van klager om de gevraagde informatie te verstrekken.