Zevende jaarrapportage CvAE | Aantal klachten stabiel, aantal adviezen lager

Tussen 1 maart 2019 en 1 maart 2020 zijn 57 klachten bij de Commissie van Aanbestedingsexperts (CvAE) ingediend. Daarmee is het aantal bij de CvAE ingediende klachten nagenoeg gelijk gebleven aan de voorgaande drie jaren (met 53, 59 en 57 klachten). De CvAE heeft echter bijna de helft minder adviezen geproduceerd: 21 in het zevende rapportagejaar ten opzichte van 38 in het zesde rapportagejaar. Deze daling houdt verband met onderbezetting waar de CvAE mee te kampen heeft gehad. 

De CvAE heeft na afsluiting van het rapportagejaar met ondersteuning van tijdelijke inhuurkrachten en met extra inspanningen de als gevolg van de onderbezetting opgelopen achterstanden grotendeels weggewerkt. De CvAE heeft haar zaken voorlopig weer op orde. Wel is gebleken is dat de CvAE een kleine organisatie is waarbinnen eigenlijk niemand kan worden gemist. Dat betekent dat in geval van tijdelijke uitval als gevolg van ziekte, of in geval van personele wisselingen met bijbehorende inwerkperioden, een verhoogd risico op achterstanden in de afhandeling van klachten bestaat.

De bereidheid van aanbestedende diensten om beslissingen in de lopende aanbestedingsprocedure op te schorten in afwachting van het advies van de CvAE is licht gestegen, maar blijft met 25% laag. Wat helaas vaak gebeurt, is dat een – aanvankelijke – spoedklacht tot ‘nakaartklacht’ wordt gedegradeerd omdat de aanbestedende dienst desgevraagd niet bereid blijkt de aanbestedingsprocedure op te schorten tot na ontvangst van het advies van de CvAE.

Verheugend is dat de CvAE er gedurende het afgelopen rapportagejaar bij ‘spoedklachten’ in 9 van de 10 gevallen ruimschoots in is geslaagd haar toezegging gestand te doen uit de vorige jaarrapportage om binnen 30 dagen na ontvangst van de reactie van de aanbestedende dienst advies uit te brengen. In het geval dat weliswaar geen advies werd uitgebracht binnen 30 dagen maar binnen 34 dagen na ontvangst van de reactie op de klacht, kwam het advies niettemin vóór het verstrijken van de kritieke termijn.

In het vorige rapportagejaar (2018-2019) was opvallend dat de CvAE in minder gevallen een advies in het voordeel van de klagende partij had uitgebracht in termen van gegrondheid van een (deel van de) klacht: in slechts 42% van de 38 in het vorige rapportagejaar uitgebrachte adviezen was de klacht geheel of gedeeltelijk gegrond verklaard.  In het afgelopen jaar is dat percentage echter weer gestegen naar 57% van de uitgebrachte adviezen.

Tijdens het rapportagejaar zijn de resultaten gepubliceerd van het in opdracht van de Staatssecretaris verrichte onderzoek naar de rechtsbescherming bij overheidsaanbestedingen en – als onderdeel daarvan – de evaluatie van de rol van de CvAE.  De CvAE heeft verheugd geconstateerd dat uit deze evaluatie is gebleken dat er brede waardering bestaat voor de expertise van de CvAE en de kwaliteit van haar adviezen. De CvAE waardeert het dat de Staatssecretaris bij de formulering van haar beleidsvoornemens mede acht heeft geslagen op het zogenoemde scenariodocument dat de CvAE op 18 januari 2019 aan de Staatssecretaris heeft aangeboden.  De CvAE heeft er verder kennis van genomen dat de Staatssecretaris de huidige rol van de CvAE in klachtafhandeling nog zeker enkele jaren wil behouden en dat zij zal onderzoeken hoe de CvAE een rol kan spelen als stok achter de deur in die gevallen waarin klachtafhandeling bij aanbestedende diensten nog onvoldoende op peil is. De CvAE ziet uit naar de uitkomsten van dat onderzoek en naar de beleidsvoornemens die de Staatssecretaris op basis daarvan zal bekendmaken.

De volledige rapportage is hier te vinden.