Klachten tegen beoordeling en motivering niet gegrond

De klacht ziet op een Europese openbare aanbestedingsprocedure voor drie raamovereenkomsten met drie verschillende ondernemers, één per perceel, voor diensten voor onderhoud en installatie openbare verlichting, VRI buiteninstallatie, sportveldverlichting en PRIS.

Ondernemer behoort niet tot de winnende inschrijvers en klaagt in klachtonderdeel 1 dat de motivering van de gunningsbeslissing niet voldoet aan de eisen die de wet daaraan stelt. Bovendien klaagt inschrijver, in klachtonderdeel 2, dat zijn inschrijving voor een bepaald gunningscriterium ten onrechte is beoordeeld met de slechtste score vanwege een doelredenering van aanbesteder.

Klachtonderdeel 1

De Commissie oordeelt dat de gunningsbrief de relevante redenen voor de gunningsbeslissing bevat. De verstrekte motivering biedt ondernemer voldoende houvast om te kunnen beoordelen of het aanhangig maken van een juridische procedure zinvol is. De Commissie verklaart klachtonderdeel 1 ongegrond.

Klachtonderdeel 2

Ondernemer heeft onvoldoende concreet onderbouwd dat partijen niet slechts van inzicht verschillen over de waardering van de inschrijving van ondernemer, maar dat aanbesteder een doelredenering zou hebben toegepast om gunning aan ondernemer te voorkomen. De Commissie oordeelt dat uit de motivering kan worden afgeleid dat de beoordeling voldoende zorgvuldig heeft plaatsgevonden. De Commissie verklaart ook dit klachtonderdeel ongegrond.